KNHS: maak van springen geen survival act

KNHS: maak van springen geen survival act

Het KNHS-trainersseminar Springen 2019 had als motto ‘trainen met passie en ambitie’. Op vrijdagavond, toen twee bondscoaches springen Rob Ehrens en Edwin Hoogenraat de springinstructeurs ontvingen, was de rode draad vooral communicatie en geduld. Zoals Rob Ehrens zei: ‘Springen is dressuur rijden tussen de hindernissen. Zolang de basis niet goed is, blijft springen een survival act.’ Edwin Hoogenraat bracht voor het seminar zoon Mark en dochter Kim mee plus leerlinge Delphine Klopper.

Voor het Trainersseminar Springen gingen Edwin, de bondscoach van de pony’s en children, en Rob, bondscoach van de senioren, aan de slag met drie groepjes paarden. Als eerste kwamen twee paarden op B-niveau in de baan. Edwins zoon Mark reed Crystal Palace Z (Canabis Z x Caretino) en leerling Delphine Klopper Jumping Jolly (Vancouver x Unaniem). ‘Dit zijn twee vijfjarige merries, maar je moet ze beschouwen als vierjarige. Crystal Palace hebben we vorig jaar zadelmak gemaakt, maar ze bleef moe. Ze was in korte tijd 10 centimeter groter geworden. Toen hebben we haar terug in de wei gezet, een paard heeft de tijd nodig om te groeien. De merrie van Delphine liep afgelopen zomer een paar parcoursen van 90 cm. en ging daarna terug naar haar eigenaar. Sinds enkele weken is ze weer terug.’

De jonge paarden vinden de Amaliahal met aankleding en publiek heel spannend, maar de ruiters blijven rustig. ‘Laat ze maar een beetje kijken’, is het advies van Edwin, ‘het belangrijkste is dat ze op eigen benen lopen, op zoek gaan naar de hand. In de wendingen voldoende buiging om het binnenbeen, op de rechte lijnen recht. Blijf vanuit je been naar de hand toe rijden. Rijd een volte waar het niet spannend is. Wacht tot je paard ontspant, je kunt het niet afdwingen.’

Edwin neemt veel tijd voor het loswerken. Wel wordt in de galop al een wisseltje meegenomen. ‘Pak dat spelenderwijs mee. Kies een logische lijn en probeer een wisseltje te rijden. Als het niet lukt, maak ik daar in deze fase van de opleiding geen punt van. Als een paard goed galoppeert, dan lukt het uiteindelijk wel.’ Waar de instructeur wel een punt van maakt is slechte overgangen. Hij benadrukt hoe belangrijk het is om consequent te zijn. ‘Ik heb een hekel aan een slechte overgang. De ruiter moet elke overgang, naar voren of terug, correct inzetten. Daar leert een paard van, daar wordt een paard gehoorzaam van. Als het niet lukt, oké, maar de ruiter moet het wel proberen goed te doen.’

Begrijpen
Daar is Rob het volledig mee eens, zo blijkt. Als de paarden wat galopwerk over balkjes hebben gedaan, neemt hij plaats in het zadel van Jumping Jolly. Rob: ‘Ik sta op mijn gemakje te kijken en zie dingen die ik graag anders zou zien. In de basis ontbreken zaken. De aanleuning is niet constant, de rechter buiging kan beter. Dat wil ik wel eens voelen.’ In alle rust gaat de oud-topruiter aan de slag met het jonge paard. ‘Ik heb een vragend contact, geef been, maar krijg nul reactie. Dan word ik niet boos, dit is een communicatieprobleem. De merrie snapt niet wat ik bedoel. Ze moet mij gaan begrijpen. Ik wil nageeflijkheid, een zachte verbinding tussen hand en been. Als de communicatie goed is, als de basis goed is, dan gaat het springen ook veel makkelijker. Zolang de basis niet goed is, blijft springen een survival act. Neem de tijd voor de opleiding van een paard.’ Edwin vult daarbij aan – de communicatie tussen de beide coaches is uitstekend: ‘Neem de tijd voor de goede opleiding van een paard. Als je een jaar, anderhalf jaar consequent met een paard werkt, vergeet hij dat nooit meer. Gaat het paard weg en komt hij na enkele jaren weer terug, dan heb je in enkele dagen 80 tot 90% van je werk weer boven water. ’ Rob: ‘Een paard dat goed opgeleid is, waar je goed mee communiceert, doet zijn werk met plezier. Als je gaat afdwingen, doordrukken ontstaat er slechts negativiteit en gaat het paard van je af.´

Rob rijdt nog steeds, thuis. ‘Ik ben ouder en heb meer tijd. Ik vind het heerlijk om thuis met de jonge paarden te knutselen. Ik doe veel in de stap, links en rechts hetzelfde. Is de stap voor elkaar, dan kun je in draf en galop sneller aan de gang. Paarden zijn clever, als je een paar weken zo met ze speelt, gaan ze heel snel vooruit. Als je gelooft in een paard, geeft het dan een eerlijke kans. Het paard moet je gaan snappen.´

Bij de jonge paarden ligt de nadruk op gehoorzaamheid, maar zeker ook plezier. Edwin laat Mark een lijntje rijden, waarbij hij de afstand een beetje groter maakt voor de grote en nog wat slungelige Crystal Palace . ‘Men zegt vaak: het paard moet zich maar aanpassen, maar voor zo’n jong, groot paard pas ik de afstand aan. In-uitjes, zelfde verhaal. Die staan op 3-3,5 m. Maar als het voor een paard fijner is om ze op 3,80 m. te zetten, waarom niet? Dit is een training, je wilt de paarden iets leren.’

Interactie
Een leuke toevoeging  tijdens het seminar is het gebruik van een interactieve tool, waarbij de aanwezigen een vraag naar het grote scherm in de baan kunnen sturen. Daar wordt goed gebruik van gemaakt. Een van de aanwezigen merkt op dat Mark voortdurend iets naar buiten zit. Edwin kan een zucht bijna niet onderdrukken. ‘Dat heb ik al zo vaak gezegd. Het klopt, maar ik heb er nu geen aandacht aan besteed omdat hij het paard niet hindert. Kim trekt haar rechterbeen altijd ietsje op. Daar werk ik al jaren aan. Af en toe gaat ze bij iemand anders trainen – daar ben ik groot voorstander van -, komt ze thuis. Kim, wat zeiden ze? Rechterbeen. Daar komt ook een beetje de relatie ouder-kind om de hoek kijken.’

Een van de aanwezigen is benieuwd of Rob de senioren ook traint, als bondscoach. ‘Enkele ruiters train ik wel, bijvoorbeeld Jur Vrieling, maar mijn taak is niet trainen. Mijn taak is managen, observeren, zorgen dat de laatste details in orde zijn. Edwins taak bij de pony’s en children is wel meer trainen. Als hij zijn werk goed doet, heb ik het steeds makkelijker’, grapt Rob. Edwin vult aan dat de kinderen steeds vaker privétrainers hebben. ‘Die nodig ik uit bij trainingen, we overleggen dan samen. Ik wil de kinderen de juiste richting in krijgen. Als het opeens allemaal anders moet, schep je slechts verwarring.’ Hij plaatst wel een kanttekening: ‘Veel jonge kinderen krijgen een fenomeen onder het zadel, zo’n pony waarmee ze elke week kunnen winnen en dat ook doen. Dat is nadelig voor de ontwikkeling als ruiter. Leg dan maar eens uit dat de rijderij beter moet, ze winnen immers.’

Weer de basis
Na de jonge paarden komen twee ervaren paarden in de baan: de achtjarige Gigolo (Eldorado van de Zeshoek x Landwind II) onder Kim Hoogenraat en Cornelia (Unaniem x Tangelo van de Zuuthoeve) onder Delphine. De twaafjarige Cornelia is de moeder van Jumping Jolly. Ze diende eerst enkele jaren de fokkerij en liep vervolgens in korte tijd van B naar ZZ. ‘Maar er zat geen rijderij achter. Met haar fantastische instelling heeft ze al 1,40 m. nul gelopen, maar nu komt het op het rijden aan’, licht Edwin toe. Hetzelfde geldt in feite voor Gigolo. ‘Een paard met heel veel kwaliteit. Kim rijdt hem nu drie maanden. Als de basis beter is, gaat hij reële proeven lopen. Kim heeft zoveel geloof in dit paard dat ze een deel heeft gekocht. Kan papa hem niet meer verkopen.’

Ook hier neemt Edwin veel tijd voor het loswerken, de basis, eigenlijk gewoon dressuurwerk. Ontspanning, de hand volgen, op eigen benen lopen, zichzelf en de ruiter dragen. Rob: ‘Springen is dressuur rijden tussen de hindernissen.’ Edwin: ‘Maar wel leuker. Met springen weet je gelijk waar je aan toe bent, een balk is een balk.’ Na wat galop wordt gewerkt over (kleine) hindernisjes in een lijntje. Deze oudere paarden moeten in de goede galop landen. ‘Lukt dat niet, corrigeer het dan direct. Niet blijven doorrijden: daar leert een paard niets van. Rustig terug, goede galop en weer door. Niet boos of ongeduldig worden, dat levert alleen maar negativiteit op’, is het advies van de coaches. Edwin: ‘Zorg dat je paard het leuk blijft vinden. Doe dingen die een paard goed kan, bouw dat langzaam uit. Neem daarvoor de tijd. Als je altijd dingen doet die een paard moeilijk vindt, haakt hij af.’ Rob benadrukt nogmaals: ‘Het is een kwestie van vraag en aanbod. Je kunt niets afdwingen.’

Rob heeft inmiddels weer plaats genomen in het zadel. Van Cornelia. Ze heeft moeite met de goede landing. Maar met een beetje ‘geknutsel’ lukt het Rob uiteindelijk wel, linksom en rechtsom. Hij rijdt achtjes over een steilsprongetje. Hij legt daarbij uit dat het belangrijk is zulke oefeningen op lage hindernissen te doen. Het paard moet dit op het gemak kunnen doen.

Tenslotte komt Kim in de baan met Gillion ES, een achtjarige Lamm de Fetan x Caretano, die 1,45 m. loopt. Ondanks zijn ervaring stuitert Gillion door de baan. Edwin: ‘Hij loopt met twee vingers in de neus een 1,45 m. parcours. Maar als hij hier die balken achterin op de grond ziet liggen, is hij al twee keer omgedraaid. Je kunt denken dat dat een slecht karakter is, ik denk dat het een gebrek aan vertrouwen en zelfvertrouwen is. We werken hard aan een betere verbinding, dat vindt hij moeilijk. Maar hij heeft zoveel atletisch vermogen, blijft altijd op het achterbeen en haalt daar enorm veel kracht vandaan. Het is een kwestie van oefenen, oefenen. Je kunt er een slof aanhangen en het afdwingen, maar dan gaat zo´n paard zich afsluiten. Dan bereik je niets. Dit paard moet veel op concours. We rijden hem drie, vier weken achter elkaar op concours, dan houden we hem weer een paar weken thuis. Dat is het verschil met een dressuurpaard, die kun je thuis bij wijze van spreken voor het hoogste niveau klaarmaken. Een springpaard moet mee, kilometers maken, ringervaring opdoen´, antwoord Edwin als de vraag wordt gesteld of zo´n paard dan wel mee moet op concours. ´Dit paard wordt niet slechter van een parcours springen. Hij vindt het leuk en doet het met veel plezier. Het is niet dat het gevaarlijk is, maar voor het zwaardere werk komt het nog meer aan op het rijden en de details.´

Het plezier straalt er inderdaad vanaf als Gillion enkele lijntjes mag springen. Hoe hoger, hoe beter.

Het is een mooie afsluiting van een geslaagde avond, die Rob afsluit met de woorden: ‘Paardrijden is leuk als je op de juiste manier feeling hebt met je paard. Het niveau is dan niet belangrijk.’

Foto’s Wilma Frentz

 

KWPN: Atleet-zoon Lamour ster verklaard

KWPN: Atleet-zoon Lamour ster verklaard

Tijdens de Hengstenkeuring Tuigpaard van 5 januari werd de hengst Lamour (v.Atleet) doorverwezen naar het middagprogramma en kreeg vervolgens het sterpredicaat niet toegewezen. Het Algemeen Bestuur heeft de hengst alsnog het sterpredicaat toegekend. 

Recent heeft het Algemeen Bestuur onder meer de Hengstenkeuring Tuigpaard geëvalueerd. Algemeen gebruik is, dat tuigpaardhengsten die zijn doorverwezen naar het middagprogramma, ten minste ster worden verklaard. Tijdens het rondstappen in de middag wordt vervolgens bekend gemaakt of zij worden uitgenodigd voor de tweede bezichtiging tijdens de KWPN Stallion Show in Den Bosch. De hengst met cat.nr. 600 (Atleet x Saffraan) werd doorverwezen naar het middagprogramma, maar kreeg daar vanwege een bemerking het sterpredicaat niet toegekend. Het Algemeen Bestuur heeft besloten dat vanwege de doorverwijzing naar het middagprogramma, de hengst het sterpredicaat toegekend had moeten krijgen.

KWPN: Atleet-zoon Lamour ster verklaard

KWPN: een sterpredicaat in nakeuring tuigpaardhengsten

Vandaag vond de nakeuring voor tuigpaardhengsten plaats. Hieraan namen twee hengsten deel, waarbij een zoon van Fantijn het sterpredicaat toegekend kon worden.

De nakeuring is bedoeld voor hengsten, die wegens veterinaire redenen niet konden deelnemen aan de eerste bezichtiging op 5 januari van dit jaar. Ook kan de hengstenkeuringscommissie een hengst tijdens de eerste bezichtiging doorverwijzen naar de nakeuring, als hier aanleiding toe is.

Dit was het geval bij de hengst met cat.nr. 602, Luxuoso (Cizandro x Aquarel), die tijdens de eerste bezichtiging onregelmatig bleek. Vandaag werd hij opnieuw gepresenteerd, maar kon geen ster worden verklaard.

Tijdens de eerste bezichtiging bleef cat.nr. 615 Lentekoning (Fantijn x Vaandrager HBC) met veterinair attest afwezig. Vandaag werd de hengst van f/g J. Dijksmans uit Hapert ster verklaard door de commissie, bestaande uit Johan Hamminga, Gert-Jan Hermanussen en Reijer van Woudenbergh. Deze laatste verving voor deze gelegenheid Lammert Tel, die als geregistreerde van Fantijn te boek staat.

Opleiding tot ***** Top Groom gestart

Opleiding tot ***** Top Groom gestart

In samenwerking met Equi-Jobs heeft het Nederlands Hippisch Instituut een opleiding tot Top Groom ***** opgezet. De opleiding bereidt voor de professionele wereld van de (top)paardensport.

“Ik merk heel duidelijk dat er steeds meer vraag komt naar goede grooms vanuit professionele stallen,” aldus Caroline Pol van Equi-Jobs. “Groomen is een vrij beroep maar er zijn relatief weinig mensen die kennis hebben van het gehele scala omtrent het (wedstrijd)paard.  Daar horen aspecten bij als gezondheidszorg, training, verzorging, harnachement en voeding maar ook alles rondom het veilig kunnen reizen. Bovendien is het vrachtwagenrijbewijs een must. Met dat idee zijn Johan van Sommeren van het NHI en ik gaan praten en hebben we nu een goede opleiding opgezet.”

Voor de opleiding, waarin de lessen worden gegeven door gerenommeerde professionals zoals een dierenarts, groom, trainer, voedingsspecialist en bedrijfsdeskundige, is geen specifieke vooropleiding nodig. Wel strekt veel kennis van paarden tot aanbeveling. Enige kennis van de Engelse en/of Duitse taal is noodzakelijk, omdat er gewerkt wordt in een internationale markt.  De opleiding start met een beperkt aantal cursisten, die vooraf een intake-gesprek krijgen. Cursisten die toegelaten worden, gaan werken met de beste paarden en op de meest luxe stallen.  Veel reizen hoort bij het leven van een top groom, net zoals improviseren.

Klik hier voor meer informatie

KNHS: trainersseminar dressuur groot succes

KNHS: trainersseminar dressuur groot succes

Nooit eerder was een KNHS Trainersseminar zo snel uitverkocht als voor het GLOCK top trio Edward Gal, Hans Peter Minderhoud en Nicole Werner. De 650 gelukkigen die een kaartje wisten te bemachtigen, hadden hooggespannen verwachtingen en die werden dubbel en dwars waargemaakt. Met paarden van vier tot vijftien jaar oud kwamen alle opleidingsniveaus uitgebreid aan bod, maar telkens keerden dezelfde thema’s terug: geduld, aanpassingsvermogen en voorwaarts. Dat ging gepaard met duidelijke uitleg en een grote dosis humor. “Vandaag laten we zien dat we met ieder paard anders trainen. Als ruiter moet je altijd proberen te voelen wat je paard op elk moment nodig heeft,” stak Werner van wal.

De vierjarige GLOCK’s Taminiau mocht onder GLOCK-ruiter Riccardo Sanavio het spits afbijten. De prachtige zwarte hengst vond het duidelijk spannend in de volgepakte Amalia hal. Zo moest Sanavio een aantal overgangen opnieuw doen. Werner benadrukte dat geduld van het allergrootste belang is, vooral met jonge paarden. “Niet boos worden, maar gewoon rustig nog een keer vragen. Ga ook niet teveel op je strepen staan als er iets een paar keer mis gaat, want daar kan een paard alleen maar onzeker van worden. Het paard moet altijd het vertrouwen in de ruiter blijven houden, dus gebruik je stem en stel je paard gerust in spannende situaties.” Werner wist gedurende de gehele dag dressuur te versimpelen door concrete uitleg. Zoals het gebruik van de teugels, kortom het sturen en de aanleuning. “Ik vind dat bij bijvoorbeeld een volte de basishulp bij de binnenteugel ligt en de buitenteugel blijft daarbij neutraal, tenzij je iets moet corrigeren. Geen binnenbeen – buitenteugel dus, ondanks dat veel mensen het wel zo aanleren. Als je naar rechts wilt, gebruik je daarvoor je rechterteugel. Dat vind ik in ieder geval ook het meest logisch. Een goed ezelsbruggetje om thuis voltes mee te oefenen is: Waar de wending begint, eindigt hij ook. Denk bij het insturen van de volte al aan het punt waar je naar toe terug moet.”

Oefeningen opdelen
Een van de algemene tips van de drie was: deel een oefening eerst op en rijg het daarna als een ketting aan elkaar. Het ‘simpele’ sturen kwam ook weer terug in een oefening als schouderbinnenwaarts. Werner raadde aan om te beginnen met alleen stelling op de lange zijde te vragen, waarbij het paard in het lijf recht blijft en in hetzelfde tempo door moet blijven gaan. “Als dat goed lukt, is het slechts een kwestie van de schouder met twee teugels naar binnen te plaatsen om er schouderbinnenwaarts van te maken. Onthoud ook hier dat je met je binnenteugel de schouder naar binnen stuurt, het is geen ontbuitenwaarts.”

Altijd naar voren
Bij alle paarden stond het voorwaarts rijden hoog in het vaandel. Gal nam plaats in het zadel van GLOCK’s Total US en vertelde: “Paarden moeten leren altijd naar voren te denken, zelfs in een overgang terug. Je moet als ruiter er scherp op blijven dat het paard direct op je been reageert. En harder gaan is niet per se echt voorwaarts gaan, je moet het paard echt naar voren toe voelen aantrekken. Goed rijden is voelen wat er nodig is en niet altijd vasthouden aan wat je geleerd hebt. Dat vergt soms wat creativiteit. En helaas kan je ook nooit denken ‘oh dit is mooi, nu alleen maar houden zo’. Nee, je moet blijven voelen wat er moet gebeuren en blijven werken, anders wordt het te mooi. Bij een paard als Total US, die van zichzelf met heel veel power en groot beweegt, is afstemming super belangrijk. Hij is zo sensibel dat ik mij geen foutje kan permitteren, maar ik moet hem wel bezig houden om zijn aandacht bij mij te krijgen.”

Lijn bepalen
Minderhoud bereed GLOCK’s Trafalgar en Zanardi en liet bij beiden zien dat bijvoorbeeld ook foutjes in de wissels en series in het voorwaartse het beste opgelost kunnen worden. “Wanneer een paard te groot en traag de wissel springt, ontstaan die fouten ook eerder. Eigenlijk begint het al met een goede, rechte diagonaal.” Dat het bepalen van de lijn voor alle oefeningen de voorbereiding is, liet Minderhoud ook met de arbeidspirouettes zien. “Bedenk eerst waar je een volte wil draaien en waar je centrale punt ligt. Begin op die volte met verzamelen, dan vraag je wat buiging erbij en pas daarna verklein je de volte door de achterhand en vervolgens het hele paard iets  naar binnen te plaatsen. Maar zorg er constant voor dat je ook echt in het tempo rijdt dat jij wilt. Het paard mag niet zelf al langzamer gaan of de volte verkleinen. En blijf rondom hetzelfde centrumpunt draaien, niet stiekem ineens een paar meter verderop.” Het verkrijgen van steeds meer controle liet hij ten slotte in de ultieme vorm zien met zijn schimmel Zanardi. Moeiteloos liep de hengst door de piaffe, passage en de wissels om de pas. Hoewel de hengst het toch niet kon laten om na een daverend applaus nog even flink te steigeren op het moment dat Gal hem een klopje wilde geven. Minderhoud haalde zijn schouders op en verzuchtte grappend dat zijn vader (Rubels red.) dat ook deed. Werner merkte lachend op: “Zie je, het is jouw schuld Ed.”  Het seminar sloot af op de vrolijke toon die de hele dag geklonken had.

Foto impressie:

Riccardo Sanavio met Jack

 

Edward Gal met GLOCK’s Total US

 

Geert Jan Raateland met Don Bravour

 

Het GLOCKS HORSE PERFORMANCE TEAM: Edward Gal, Hans Peter Minderhoud en Nicole Werner

 

Hans Peter Minderhoud met Zanardi

 

Er was een open en ontspannen sfeer en genoeg te lachen
Edward Gal op GLOCK’s Total US

 

 

 

 

 

 

Frida Berggren: een Zweedse in Nederland

Frida Berggren: een Zweedse in Nederland

Haar ouders hadden een heel andere toekomst in gedachten voor hun dochter Frida Berggren. En toch werd de Zweedse van beroep ruiter en handelaar. Met kinderen die ze met springruiter Henk van de Pol heeft, woont ze tegenwoordig in Eindhoven en heeft ze de paarden op stal in Veldhoven. Met de ambitie om nu eindelijk de paarden door te kunnen houden en wellicht weer voor Zweden uit te kunnen komen…..

Frida Berggren, net 40 nu, groeide op in Zuid-Zweden, zo’n twee uurtjes van Malmö. In de vakanties werkte ze extra in de manege, trainde ze voor Anders Norrman en op haar 15e kocht ze via Royne Zetterman haar eerste paard. Maar daarvóór liep het niet van een leien dakje: “Mijn ouders zijn geen paardenmensen, toen ik klein was ben ik stiekem met een vriendinnetje meegegaan naar een manege. Ging ik zogenaamd bij haar spelen, en dan leende ik alle spullen om pony te kunnen rijden. Ik heb wel een jaar op de manege gereden voordat mijn moeder het in de gaten had. Toen ik 12 was, kwam mijn eerste pony. We waren naar een pony gaan kijken, maar die kon niet springen, dat was niet zo’n talent. Ben ik thuis weer in de krant gaan zoeken naar toch een andere pony, maar na een paar weken hadden we nog geen andere pony gevonden. Toen belde de verkoopster: of we hem nou wilden. Mijn vader zei: wil je hem nou? Toen heb ik maar ja gezegd, anders had ik niks. Met die pony heb ik een jaar of twee gereden. Met een andere pony was het daarna ook niet zo’n succes, die hebben we moeten laten inslapen.”

Vanaf haar eerste paard ging het langzaamaan beter: “Dat was een Ierse merrie, daar heb ik alles mee gereden. Een vriend van mijn ouders zei: jullie kopen steeds de verkeerde, ik ga met jullie mee. Maar mijn ouders waren niet bereid om veel geld te spenderen. Ik was 15, kreeg een paard van 12 jaar oud dat 1m20 liep, niet moeders mooiste was, heel groot, en hij liep altijd met de kop omhoog. Toen ik 17 was, had ik met hem prijs in het 1m50, maar als ik nou de films terugkijk, dan denk ik: hoe is het mogelijk…. ik had niet zo in de gaten dat een paard talent moest hebben, uiteindelijk waren we gewoon een goede combinatie. Plus daarbij kwam er een jonge Robin Z toen ik 17 was, net zadelmak, heel kijkerig, maar ik heb er uiteindelijk wel EK mee gereden. Ik kreeg elke week les, maar ik hielp om dat te kunnen betalen ook mee op stal en werkte in de manege, vooral in het weekend. Want ik moest m’n middelbare school wel afmaken, vergelijkbaar met hier het gymnasium, en de bedoeling van mijn ouders was natuurlijk dat ik verder zou gaan studeren.”

Toen ze 15 was met Royal Flight

Frida liet zich zo gemakkelijk niet sturen en ze vertrok op haar 19e voor een jaar naar Nederland en België: “Ik kreeg de tip om naar Henk van de Pol te gaan, daarna ben ik bij Ludo Philippaerts geweest, ook nog bij Stephex, plus drie maanden in Amerika, maar eigenlijk mocht ik maar één jaar naar Nederland. Na dat jaar zeiden mijn ouders: of je komt nou naar huis, of we betalen niks meer. En dat gebeurde ook. Mijn moeder heeft me daarna vijf jaar lang elk jaar aangemeld voor een studie op de universiteit, dierenarts worden was wel een optie. Maar de handel in paarden vond ik veel spannender, dat had ik wel geleerd. Het heeft echt lang geduurd voordat mijn moeder zich erbij neerlegde, maar nou komt ze vaak helpen met de kinderen. Ze was altijd bang voor paarden en ze is nog steeds geen held ermee, maar ze vindt het nou wel leuk.”

“Ik ben naar Nederland gekomen om meer internationaal te kunnen rijden, wilde graag in het Zweedse team komen. Bij de junioren was ik niet geselecteerd voor het EK, werd ik wel derde bij de Zweedse kampioenschappen. Na twee jaar in Nederland lukte het wel, op m’n 21e, heb ik voor Zweden EK gereden in Portugal bij de young riders. Toen ben ik wel voor een jaar terug naar Zweden gegaan, daar ben ik eigenlijk voor mezelf begonnen. Paarden zadelmak maken, opleiden, uitbrengen en zo. Maar de omstandigheden klopten niet. We hadden op een paar plekken wat paarden staan, ik vervoerde ze met een trailer, had geen hal. Terwijl je in Zweden toch echt acht maanden per jaar binnen moet kunnen rijden. Ik ben teruggegaan. Eerst heb ik een jaar bij Stephex in België internationaal gereden. Via hen heb ik ook mijn EK-paard kunnen verkopen naar Italië, en dat was eigenlijk mijn startkapitaal om hier voor mezelf te beginnen. Ik was er langzamerhand achter gekomen dat het rijden voor handelsstallen mij toch niet zo paste, ik wilde mijn eigen ding doen. Goed beschouwd leef ik van die verkoop nog steeds van omdat ik sindsdien steeds in nieuwe paarden heb kunnen investeren. En op m’n 23e ben ik met Henk samen gaan wonen, steeds in de buurt van Eindhoven.”

Frida op concours in Iran

Frida Berggren ging paarden verkopen: “De meeste naar Zweden, maar ook naar Japan, Amerika, eigenlijk naar overal. We hadden altijd een stuk of 30 paarden thuis voor de handel. Een druk bestaan was het, want Henk was niet veel thuis, ik runde de stal. Zorgde ervoor dat de stal voor elkaar was, dat de grooms er waren, zeg maar de dagelijkse taken die op een stal moeten gebeuren. De meeste mensen zullen nooit geweten hebben dat ik toen altijd mijn eigen bedrijf erbij heb gehouden: ik heb mijn paarden gekocht, hij de zijne. Toen hebben we nog even de FPH Stables gehad, dat stond voor Frida, Paul van Esch uit Hilvarenbeek en Henk. Met Dan 7T, afkomstig van Paul Schockemöhle, was Henk toen de meest winnende ruiter. Henk kon en kan moeilijke paarden naar prestaties rijden. Maar ja, hij krijgt ze meestal als het bijna te laat is.  Als ze niet meer weten wat ze met een paard aan moeten, dan bellen ze Henk. Beetje jammer dat ze hem niet inschakelen als de paarden een jaar of 7 of 8 zijn.”

“Ik heb altijd in jonge paarden geïnvesteerd, en ik heb –al zeg ik het zelf- heel veel goede jonge paarden gevonden die uitgegroeid zijn tot Grand Prix. Henk wilde vooral de sport doen, hij reed. Hij nam paarden als Zidane van mij over, maar op een gegeven moment heb ik gezegd: en nou ben ik aan de beurt. Met Abeltje en Flicka zat ik soms in het Zweedse team, heb ik een jaar lang intensief concours gereden, zelfs op de longlist voor de Olympische Spelen in Londen gestaan. In de tussentijd heb ik nog even geprobeerd om in Zweden iets op te bouwen. We hadden daar een tweede huis, een boerderij, maar met te weinig grond. Toen het bijna rond was, wilde de buurman de grond toch maar niet verkopen waarop ik een hal en stallen zou kunnen bouwen.  Om paardenhandel te doen, moet je toch hier zitten, ik heb besloten om toch weer terug te gaan, dat was voor Henk ook beter, hij is heel gek met zijn kinderen, een superlieve vader, daar kan ik niks van zeggen. Het was een zware periode in mijn leven waar het even zoeken was met de kinderen en alles om alleen en zonder familie om me heen het te redden. Maar het is helemaal goed gekomen, ik huur nou 18 boxen bij Carel en Lianne Adams in Veldhoven, van wie ik heel veel hulp krijg, de kinderen horen min of meer bij de familie. En ik heb net een huis gekocht in Eindhoven. Carel en Lianne hebben kinderen in dezelfde leeftijd als mijn zoon van 10 en dochter van 8, dat is ook wel fijn. En Henk woont dicht in de buurt, dat combineren we goed.”

Amy is Frida’s dochter, Nanna de dochter van Karel en Lianne Adams

“Ik verkoop vrij veel paarden, ik kan ze ook vrij goed vinden. Zo’n 16 jaar heb ik best veel paarden naar Zweden verkocht, vaak in een gemiddelde prijsklasse. De Zweedse normen zijn hoog, het is een van de moeilijkste landen, het moet allemaal precies kloppen. Alles wordt daar verzekerd plus dat ze drie jaar garantie krijgen. Als ze een verborgen gebrek vinden, stappen ze naar de rechter, je moet heel erg opletten. Gelukkig heb ik het nooit aan de hand gehad. Ik heb veel vaste klanten, soms al tien jaar: mensen die me bellen, die niet eens komen kijken, die zeggen wat ze nodig hebben, ik ga ze zoeken en dan stuur ik ze op. Dat is mijn sterke punt. Meestal gaat het om een beter jong paard of juist om een paard tussen de 6 en 12 dat braaf is, fijn te rijden en correct, makkelijk springen, niet te lomp groot. Het zijn bijna altijd meisjes die erop rijden in Zweden, hè. Die markt is moeilijker geworden want ook kopers in opkomende landen als China zijn daarnaar op zoek. Die paarden zijn daardoor redelijk duur geworden. En daarbij train ik ook regelmatig mensen en ga ik ook vaak naar het buitenland om te trainen of concours te rijden zoals Iran, Jordanië, Egypte en zo. Ik heb begrepen dat ik de eerste vrouwelijke amazone was die in Iran werd uitgenodigd.”

Lesgeven in Jordanië

En nu staat een maand concours in Vejer de la Frontera voor de deur: “Dat is super om de jonge paarden op te leiden. Ja, dat kun je ook thuis doen, maar de vier weken dat ik daar ben, ben ik alleen met die zes paarden bezig, geen 200 telefoontjes per dag, video’s bekijken, rondrijden met klanten. Henk rijdt er ook, en de laatste week komt mijn moeder met de kinderen. Het komt thuis voor dat ik de hele week niet op een paard zit! Ik wil nou iets meer aan het zelf rijden toekomen, ik denk dat ik nou best wel goede paarden heb. En dan langer zelf doorhouden en opleiden, tot 1m50 niveau en dan verkopen, dat is leuker en dat brengt veel meer op. Ik heb ze nou steeds moeten verkopen als ze een jaar of 5 of 6 zijn en dan loopt iemand anders toch met het grotere geld weg. Maar ja, je moet wel overleven. En misschien kan ik dan voor het team gaan als ik de goede paarden krijg.  Ik weet het, je komt er zomaar niet tussen maar ik ben heel fanatiek als ik eraan begin. Het is me eerder gelukt….”

 

 

Carlijn Huberts wint lichte tour met Cupido

Carlijn Huberts wint lichte tour met Cupido

Carlijn Huberts was zondag in de selectie voor het NK Lichte Tour in Rijen de beste  met de KWPN-hengst Cupido (v. Daddy Cool) met 68,31%. Kirsten Brouwer werd met Everlast-Lindh (v. Hofrat) tweede met 66,91%, plaats drie was voor Neelke van Kollenburg met de Jazz-dochter Feline (66,47%). Met Watoeshi (v. Rousseau) startte Carlijn Huberts in de Grand Prix, wat met 64,78% de derde plaats opleverde. In de Grand Prix was Marieke van der Putten de beste met Zingaro-Apple (v. Painted Black) met 71,74%.

Sanne van der Pols en Dinja van Liere winnen in Rijen

Sanne van der Pols en Dinja van Liere winnen in Rijen

In Rijen stonden er zondag diverse Subtoprubrieken voor de jeugd op het programma. Sanne van der Pols en Dinja van Liere pakten de belangrijkste prijzen.

Bij de Junioren won Sanne van der Pols overtuigend met haar Excellentie (v. Don Schufro). Daarmee ging ze voor op Micky Schelstraete die met het paard van haar moeder, Grand Charmeur (v. Apache), naar de tweede plaats reed.  Shanna Baars werd derde met de Ampere-nakomeling Farzana G.

In het ZZ-Zwaar eindigde Dinja van Liere met  Haute Couture (v. Connaisseur) aan de leiding. Daarnaast werd ze met haar andere troef Duval’s sir Rollo (v. Romanov) ook tweede!  Loes van Gils eindigde met Davinci (v. Van Gogh) op de derde plaats.

James Billington wint Kronenberg met VDL-merrie Fancy Roos

James Billington wint Kronenberg met VDL-merrie Fancy Roos

Negen van de 54 gestarte deelnemers gingen vanmiddag in Kronenberg voor de overwinning in de 2* 1m45-grote prijs. Engelsman James Billington bleek de beste met Fancy Roos VDL (Baltic VDL x Goodtimes) van Van de Lageweg uit Bears. Bart van der Maat, Douglas Lindelöw, Davide Kainich en Remco Been volgden.

Bart van der Maat uit Houten, werkzaam bij Rolf-Göran Bengtsson in Duitsland,  moest met Queen of Lightness (Quintender 2 x Ehrentanz) ruim een seconde toegeven op Billington. Datzelfde gold voor de Zweed Douglas Lindelöw met Casquo Blue (Chacco-Blue x Carthago Z) ten opzichte van Bart. De Italiaan Davide Kainich kwam daar weer ruim twee seconden achter met Arian (Cornet Obolensky x Acobat I). Remco Been werd met de tweede tijd maar een balkje vijfde met Holland van de Bisschop, de Heartbreaker x Libero van Hank Melse en Eric Wiefferink.

Niels Tacken met Alexia (Andiamo x Dutch Capitol) en Gerco Schröder met Glock’s Dobelensky (Cornet Obolensky x Lux) hadden een fout in de barrage en werden resp. 8e en 9e.

Laatste starter Ahlmann wint Leipzig

Laatste starter Ahlmann wint Leipzig

Het duurde lang voordat vanmiddag  in de wereldbekerwedstrijd in Leipzig de eerste foutloze combinatie over de finish kwam. Het lukte als eerste de nr. 15 van het startveld, Leopold van Asten met VDL Groep Beauty (For Pleasure x Contender). Dat betekende ook dat hij in de barrage als eerste van start moest, met na zich toppers als Marcus Ehning met Comme Il Faut, de Cornet Obolensky uit Ratina, Daniel Deusser met Tobago (Tangelo x Mr. Blue) en Christian Ahlmann met Caribis Z (Caritano x Canabis Z).

Met vier strafpunten bereikte van Asten toch de zesde plaats. Tobias Meijer met Queentina (Coupe de Coeur x Quidam’s Rubin) voor Stal Sprehe moest als tweede barragekandidaat 8 strafpunten incasseren. Francois Mathy was de eerste die foutloos bleef. Met Uno de la Roque (Numero Uno x Kannan) dook hij ook nog eens onder de tijd van Leopold van Asten. Daniel Deusser was snel maar kreeg met Tobago een fout en dook zo onder  Van Asten. Lorenzo de Luca deed een heel goede poging met een foutloze rit met
de Oldenburger Armitages Boy (Armitage x Feo) maar kon de tijd van Mathy niet pakken. Marcus Ehning liep vervolgens met Comme il Faut tegen een fout aan en kam op een voorlopige vierde plaats. Als laatste starter lukte het Christian Ahlmann om de overwinning te pakken!

Klik hier voor het resultaat

foto Elianne Castelijns