Wat een geweldig positieve jongen is Sem Hofsté. Terwijl er toch best wat factoren op te noemen zijn waar anderen van in de put zouden kunnen raken, maar daarover later meer. Inmiddels is hij 24, heeft hij een goedgekeurde hengst in eigendom en stelt hij hengsten van de familie Bosma ter dekking, maakt hij paarden keuringsklaar en brengt ze voor, beleert hij paarden voor de wagen, leidt hij op, noem maar op. Als het maar met paarden te maken heeft. Waarbij de stallen zijn favoriete domein zijn. Met een relativeringsvermogen waar heel veel mensen iets van kunnen leren.

Sem werd geboren in Dakar, Senegal en toen hij zes maanden oud was, werd hij geadopteerd uit een kindertehuis: ‘Mijn adoptieouders woonden op een landgoed in Harderwijk dat ze beheerden. Midden op de Veluwe, vakantiewoningen met paardenstallen. Mensen die een huisje huurden, konden hun paard meenemen en overdag in het bos rijden. Het bestaat nog steeds, mijn ouders gaan er nog wel eens oppassen als de huidige beheerders met vakantie zijn of zo. We hadden er een rijpaard voor mijn vader, een voor mijn moeder en voor mij een pony. Het was een bijzondere plek om op te groeien, samen met m’n zusje die twee jaar later uit hetzelfde kindertehuis geadopteerd werd.’

‘Op m’n 8e verjaardag kreeg ik mijn eerste pony, van vakantiegasten, een familie uit Brabant met 7 kinderen, met verkering erbij en zo waren ze later wel eens met 12 man! Naast vakantiegasten waren het ook wel vrienden geworden. De familie Hak, ze reden allemaal western. Hun leermeestertje ging naar mij, die was een jaar of 15, kwam bij Rieky Young vandaan. Met m’n vader en moeder hebben we de pony voor de kar gezet, toen is het mennen een beetje begonnen. Toen ik een jaar of 13 was, zijn we verhuisd naar het dorp Ermelo, stonden we op een pensionstal, mijn pony en de merrie van mijn vader. Toen kwam ik dus tussen leeftijdgenoten, dan word je extra gemotiveerd, om te trainen, spelenderwijs bezig te zijn met je pony. Je stak veel op van elkaar, heerlijk springen met z’n allen. Dat is toch leuker dan alleen zitten te prutsen met je pony’tje.’

ADHD
Het kwam voor Sem goed uit, die omgang met de paarden: ‘Ik heb alleen maar speciaal onderwijs gevolgd, omdat ik ADHD heb. Ik was geen makkelijk kind. Met m’n gedrag, moeilijk, druk, ik voelde me vaak ook onbegrepen. Kreeg er ook medicatie voor. En ja, een beetje agressief werd ik dan ook wel, zeker als ik een keer de verkeerde medicatie had. Zo’n hele dag op school, joh, dan was ik erg blij dat ik bij mijn pony was, dan kon ik alles even laten gaan. Toen ik jong was, was ik ook heel uitbundig, druk, levendig, behalve als ik tussen de paarden was. Daarom was ik het liefst de hele dag op stal. Mijn ouders hebben me gepusht om naar een opleiding als Barneveld te gaan maar ik wilde niet. Ik ben ook een beetje eigenwijs: paarden leerde je in de praktijk volgens mij, niet op school.’

‘Toen ik 18 was, ben ik per direct gaan werken bij een stal. Twee jaar lang, puur stalwerkzaamheden. Opzadelen, buiten zetten, de molen in, mee op concours, longeren, noem maar op. Maar nooit zelf rijden. Ik heb er een knauw gehad, laten we zeggen dat ik er niet helemaal goed behandeld ben. Op zo’n leeftijd voel je je dan best wel klein gemaakt. Ik heb daarna driekwart jaar thuisgezeten. Mijn ouders stonden achter me, zeker weten! Ik heb er wel geleerd om me niet overal wat van aan te trekken. Als ík weet wat de waarheid is, dat hoef ik dat niet per se met een ander te delen, dat is iets van míj. Veel mensen willen daar dan wel graag over praten. Dat is wel een beetje het verrotte van de paardenwereld: lief in je gezicht maar daarna een mes in je rug, ik probeer altijd met respect mijn mening te geven.’


De Barok Pinto-hengst Lotti was voor Sem de eerste kennismaking met het ras. Hij bracht hem voor bij Bosma op de hengstenshow. Inmiddels staat de hengst op stal in Italië.

Bij Henk en Helga
‘Ik was het even kwijt maar ik wilde wel graag in de paarden. In die tijd was er een meisje bij ons in de buurt en die werkte bij Henk Wieberdink en Helga van de Bunt. Die gingen op vakantie, heb ik een weekje geprobeerd om mee te helpen. Man, ik was zo blij dat ik weer de hele dag op stal kon lopen. Uiteindelijk ben ik er ook gaan werken. Bij Henk en Helga mocht ik ook een beetje rijden, ze hebben echt heel veel uren erin gestoken om me te leren rijden. Uitmesten, voeren, longeren en met z’n allen naar de wedstrijden, we werkten in een gezellig team. Echt een ge-wel-di-ge tijd gehad. Op stal bezig zijn: fantastisch. Ik vind alles leuk, heerlijk om een paar boxen te mesten.’

Vrachtwagenchauffeur
‘En toch ben ik er weggegaan. Ik had in die tijd met mijn toenmalige beste vriendin een goede band. We waren samen aan het dromen, over een eigen stal, tja, en dan ga je ook nadenken over het financiële gebeuren. Ik dacht: weet je, ik ga een vak beoefenen waardoor ik een beetje meer kan verdienen waardoor we een stal kunnen opzetten. Ik mijn rijbewijs gehaald, code-95, ik wilde vrachtwagenchauffeur worden, mijn opvolgster bij Henk en Helga stond al klaar. Ik moest alleen nog even een test doen voor mijn luie oog. Dat zat ver onder wat ik moest scoren: in één klap was mijn droom over. Helga bood me toen nog heel netjes aan om te blijven maar ik wilde uiteindelijk toch iets anders. Tja, of het nou een slimme actie was, weet ik ook niet, een beetje ondoordacht, zeg maar.’


Met favoriet Haike BP54

Weinig verdienen, hard werken
‘Mijn ouders hadden zoiets van: moet je dat nou wel willen je hele leven in de paarden? Weinig verdienen, hard werken, die stonden erachter om iets anders op te bouwen. Toen ben ik naar Picnic gegaan, orders pikken in het magazijn in Nijkerk. Een heel leuke tijd, nee dus, ik voelde mezelf afsterven, zo saai. Weet je, ik heb mijn ogen en oren altijd goed opengehouden. Vooral bij Henk en Helga heb ik veel geleerd, ook zadelmak maken. Samen met Minke van Westendorp deed ik in de tussentijd nog steeds wat in de paarden, we waren met ons tweeën toch al zo ver dat we in Ruitersportcentrum M&M in Voorthuizen zeven boxen hadden die vol stonden met vooral Friezen, ook een PRE, een rijpaardje ook. Om zadelmak te maken, te beleren voor de wagen, keuringsklaar te maken en uiteindelijk te verkopen.’

Vakmensen
‘Inmiddels werkte ik vier dagen per week bij: bij Alexandra van der Peijl in Oene, kon ik mezelf nog weer meer gaan ontwikkelen. Over de wijze van longeren, van paarden trainen, over voeding, noem maar op. Je hebt dan zulke vakmensen om je heen dat je je heel snel ontwikkelt. Minke zat nog op school in Barneveld, het jaar erna was ze klaar maar inmiddels merkte ik dat we allebei een andere kant op groeiden. Niks mis mee!’


Met NRPS-kampioenshengst Next Generation (Secret x Vitalis)

Uit elkaar
‘In juni vorig jaar hebben we de knoop doorgehakt: we zijn uit elkaar gegaan, dat was voor ons allebei best wel moeilijk. Inmiddels hebben we allebei onze weg gevonden en spreken we mekaar nog wekelijks. Ze is vertrokken naar Spanje en is daar een stal aan het opzetten. Een hele stap. Ik hoop echt dat het een succes mag worden. Het is fijn dat je nog normaal met elkaar kan omgaan. Binnenkort verwachten we ook samen nog een veulen van Haike. Ik ben verdergegaan met Wilma Wernsen. Ik leerde haar kennen omdat ik een keer een vrachtwagentje bij haar had gehuurd. We hebben samen een paar paarden voorgebracht op de keuring en dat klikte gewoon goed. Je groeide erin met elkaar, je begint te praten over de toekomst, over de mogelijkheden, dat is best wel snel gelopen. En nu doen we veel samen. Wilma heeft ook WW Horsetrucks, dat gaat heel goed, daar gaat best veel tijd in zitten. Ik ben vooral op stal: voeren, paarden in de wei, rijden, longeren, trainen. En in het dekseizoen ga ik op pad met Haike en Next Generation om te dekken, bij Lauw van Vliet. Oh ja, dat kwam er nog bij: ik heb inmiddels drie hengsten klaargemaakt die goedgekeurd werden.’

Haike
Haike BP54 is de eigen hengst die Sem Hofsté ter dekking stelt, een bonte Barock Pinto die indrukwekkend kan lopen: ‘Het begon op een veulenkeuring voor het bonte paarden-stamboek. Ik zie ‘m lopen en zeg tegen iemand: dat is ‘m! Man, draven! Schoft omhoog en gaan! Heel veel tact, elke pas raak, goed galopperen en heel veel uitstraling. Ik naar de fokker. Nou, zegt ze, ik heb ‘m net verkocht. Aan Helmut Deddens, die kwam naar me toe, hebben we een deal gemaakt, kon ik een lastige Friese merrie inruilen. Mensen zeiden: wat moet je nou met zo’n bonte? Maar hij is er helemaal ingegroeid zoals ik het hoopte, hij ontwikkelt zich geweldig, onder het zadel en voor de wagen, 4 jaar nu. Hij heeft twee Friese merries gedekt en een Tinker, dit jaar is de eerste dressuurmerrie drachtig, nog een Barok Pinto merrie, er komen twee BP-merries bij, misschien een Gelderse, een paar Friese merries, de mensen met de Tinker hebben alweer gereserveerd voor dit jaar, echt van alles dekt ie. En ik heb geluk dat ie onder Wilma loopt, fantastisch. Zij rijdt hem onder het zadel, ik doe het longeren en het werk voor de wagen.’


Blije gezichten bij de hoogste IBOP-score van Haike BP54 in Norg. Juryleden waren Barend Damste en Marjolein Betten.

Daar hej die neger weer
Sem steekt graag de draak met zijn kleur: ‘Ik maak daar wel eens een grapje over ja, dat vind ik wel lachen. Je moet een beetje lachen toch? Vanaf een jaar of 13 woonde ik in Ermelo, zeiden ze: Hé, daar hej die neger weer. Dan kun je twee dingen doen. En later zeiden ze: Zie! Da’s een best jong, die neger. Ik raak er niet van over van de zeik, vaak zitten er helemaal geen verkeerde bedoelingen achter, het is net hoe je het zelf opvat. Behalve als ze het expres doen om te kwetsen, dan heb je aan mij wel een verkeerde. In Ermelo heb ik ook gewerkt: assisteren bij evenementen, parkeerwacht en zo, mest opruimen in de hengstenkeuring, stallen mesten, dan kennen ze je wel. Mijn zusje kwam op de middelbare school en had er moeite mee. Heb ik gezegd; joh, dat bedoelen ze helemaal niet zo, maak een lolletje! En in een jaar was ze enorm populair. Intussen hebben we ook de vluchtelingenwereld hier: zag ineens heel Ermelo zwart. Joh, ik vind het wel best.’

Zwarte Piet
‘In Putten deed ik gewoon mee aan de Sinterklaasoptocht, met m’n paardje en m’n wagentje, een hele stoet! Iedereen moest zich schminken, en ik hoefde dat niet, geweldig! Kom ik uit die ruimte, zeg ik: kijk nou, ze hebben me helemaal geschminkt! Ja joh, je moet toch een lolletje maken. Maar het tweede jaar, toen waren mensen aan het demonstreren. Ben ik zo boos geworden. Het is een kinderfeestje, het is traditie, ik vond het ook onveilig worden, je moet niet voor de ogen van kinderen demonstreren of die mensen oppakken. Ik heb in een opwelling een foto van mezelf in een zwartepieten pak op social media gezet: dat het zo ook kon, gewoon meedoen als rasechte neger. Ik was zo kwaad op dat mens Sylvana Simons. Ik heb veel reacties gehad: held, heel goed, respect, dat soort woorden.’


Trots op Next Generation

En nu?
‘En nu? Rustig aan doorwerken, ik hoop de hengstenhouderij en ook de trainingsstal uit te bouwen, wat meer veulentjes op te fokken. Ik wil binnenkort met Haike starten in het mennen. Wilma en ik hebben Next Generation getraind en voorgebracht, de kampioen van 2021 bij het NRPS. Wilma is mede-eigenaresse. Geweldig, het mooiste wat er is. Hopelijk kunnen we een keer mensen aannemen. Ik vind het ook mooi dat mijn ouders trots zijn, die wil je toch trots zien! Zeker omdat ik mijn eigen kop gevolgd heb, mijn passie. Op m’n 10e ben ik nog een keer teruggegaan naar Senegal, ik weet nog wel dat ik het prima vond dat we weer terug waren, ik heb er helemaal niks mee. Misschien een beetje raar, maar ja. Ik voel me gezegend dat ik hier ben opgegroeid.’

‘We hebben af en toe een stagiaire, Ik vind het erg leuk om jonge mensen iets te leren als ze zelf graag willen leren. Het maakt mij niet uit om iets tien keer uit te leggen, als je maar wel wil leren! We hebben twee meiden die ons veel helpen op stal, Danique en Tamara, ben ik heel gek mee, die meiden zijn net zo gedreven als wij. Het is echt niet alleen Wilma en ik. En mijn vriend Herman uit Staphorst, met wie ik inmiddels 1,5 jaar samenwoon, begint ook besmet te raken met het paardenvirus. Met elkaar moet je het doen. Ik probeer overal een les uit trekken. Je kan drie keer vallen, als je maar vier keer opstaat.’

Foto’s: Annie Damhof

© Nieuws.Horse 2018 | powered by Olland.biz