Hoe gaaf is het als je gevraagd wordt om mee te werken aan de Olympische Spelen in Tokyo! Annemiek van der Vorm overkwam het. Je zou kunnen denken dat het haar aan kwam waaien, maar zo is het niet gegaan! ‘Hard werken en mijn best doen, daar heb ik wel wat voor teruggekregen,’ kijkt ze nu terug. En netwerken.

Annemiek van der Vorm groeide in de jaren ’80 en ’90 op in Dinteloord op de Margaretha Hoeve, het paardenbedrijf van haar moeder Nelleke en vader Willem, ondernemer in groente en fruit, in de paardenwereld bekend als onder andere fokker, paardeneigenaar en van de samenwerking met de familie Bolluijt, samen Bollvorm, in de jaren ’90. Het lijkt een ideale plek om op te groeien en van alles in de schoot geworpen te krijgen. 

‘Ik was vroeger als klein kind wel gek van dieren, maar niet per se van de manege. Eigenlijk begon het toen ik een veulentje van iemand kreeg die voor mijn vader iets terug wilde doen. En toen kwam er al snel een pony, mijn eerste wedstrijdje heb ik gereden op m’n 11e, hier in Halsteren. Tot aan het M2 ben ik met haar gekomen. Toen kwam langzamerhand Leida Strijk in beeld, zij werkte voor Bollvorm op de dressuurstal in Halsteren. Met Navelino, een ponyhengstje, ben ik bij haar gaan lessen. Na school, vanuit Bergen op Zoom 20 kilometer heen en 20 kilometer terug, op de fiets. Bijna Spartaans, je moest maar leren plannen als je iets wilde bereiken.’

 

 Met haar eerste pony Jiske op concours. ‘Excuses, niet goed zonder cap….’ zegt ze nu

De luxe opvoeding was ver te zoeken: ‘Nee hoor, na het pony’tje is er precies één keer een paard voor mij gekocht, de jonge goedgekeurde dekhengst Landtänzer, die was net zadelmak. Maar ik heb natuurlijk enorm veel te danken aan mijn ouders. De beste lessen gekregen en mijn moeder ging altijd met mij mee. Met m’n pony reed ik Z2 en daarbij kreeg ik Bollvorm’s Goldfinger, een jonge Matcho, te rijden, maar die reed Leida eerst. Ik ben in het B met hem begonnen en ik was snel Z2, met succes, ook bij de junioren. Zo ging dat. Zoiets was het ook met Incredible: een Oldenburg- en AES-goedgekeurde hengst, in Oldenburg zelfs reserve-kampioen, waarmee Robert Puck tot en met ZZ gesprongen heeft. Mijn vader zei: volgens mij kan hij ook goed in de dressuur presteren. Hans Peter Minderhoud werkte toen bij Bollvorm, hij heeft hem nog een paar keer Z gestart. Toen had ik er twee, naast mijn school.’

Met Navalino in 1995 op het EK in Achelswang

Toen het groente & fruitbedrijf verkocht was, begon het ondernemersbloed bij vader Willem weer harder te stromen, hij begon weer in de handel. ‘Dat deed hij vanuit huis, maar hij was natuurlijk ook vaak weg. En dan mocht ik de telefoon opnemen. Ja maar wat moet ik dan zeggen als jij er niet bent? Want het was internationaal en ik was best nieuwsgierig. ‘Er ist nicht da’ hebben ze mij geleerd, daarmee is het ‘kantoortje spelen’ een beetje begonnen, nog in mijn basisschooltijd.’

Toen het Z2-kampioenschap van de NKB in Wanroij nog een enorme happening was

Toen Annemiek nog maar net bij de junioren reed, nam ze deel aan een kadertraining van bondscoach Jürgen Koschel: ‘Dat was in de tijd van meneer Van Gansewinkel, hij organiseerde dat toen bij ons. Het was in de tijd van Ferro, ik zie hem nog bij ons in de oude schuur staan. Weet je wat meneer Koschel zei? Als jij in een kader zit, dan vind ik dat je nog niet zo goed kunt rijden. Nou ja. Misschien lag het er wel aan dat ik veel tussen de springruiters thuis reed. Nu is het misschien wel een voordeel dat ik dat deed, stel ik mezelf wat relaxter op. Maar ik mocht wel bij meneer Koschel komen trainen, in Schenefeld bij Hamburg. Dat werden dus alle vakanties, met kerst was ik bijvoorbeeld nooit meer thuis, in de zomer, ik denk dat ik er zo’n vier keer per jaar naartoe ging. Verschillende paarden rijden, maar ook gewoon op stal helpen, stallen doen, tuig poetsen, noem maar op.’

 In 2000 reed Annemiek met het Nederlands team naar de zilveren individuele en de gouden teammedaille met Incredible

Annemiek maakte in de tussentijd haar havo en hbo-officemanagement af en was op haar 21e klaar: ‘Ik heb nog een jaartje thuis gewerkt, paarden rijden, beetje de inkoop doen, dingen regelen op stal en zo. Mijn ouders hadden mij daarvoor al wel gevraagd of ik het paardenbedrijf thuis over wilde nemen, maar dat vond ik niet bij mij passen. Ik had gezien wat het allemaal inhield. Ik wist dat ik met een stal met 200 paarden mij niet helemaal op het echte paardrijden kon richten. Het bedrijf is in 2005 verkocht aan Eric Berkhof. In 2002 belde meneer Koschel mij met de vraag of ik iemand wist: als ruiter, verzorger, voor vast op stal. Ik wilde naast het bedrijf thuis graag wat anders zien en dat stimuleerden papa en mama ook. En ik was gecharmeerd van de manier van omgaan met paarden in Duitsland, daar had ik gewoon iets mee. Ik weet nog wel dat ik in mijn slaapkamer stond te bellen met hem, toen heb ik letterlijk mijn vinger opgestoken om mij aan te melden.’

 ‘Ik woonde in Schenefeld bij Hamburg, twee straten van de sportstal van de familie Koschel vandaan en dat was ook een manege, dus daar kwamen ook heel veel andere mensen. Ik mocht van meneer Koschel daar ook les gaan geven. In het Duits natuurlijk. Ik pakte daar alles enthousiast aan, was natuurlijk altijd het Holländisches Mädchen. Of ik met Kerst in het restaurant wilde helpen? Ook gedaan. Of op concours, met Christoph en zijn vader, sliep ik in de vrachtwagen, ik vond het allemaal prachtig. Ik wilde dus heel graag naar Duitsland, maar na een jaar of twee ook wel naar Engeland, had ik bedacht. Ik was 23, Koschel vond dat ik niet naar Engeland moest, vooral omdat de dressuur daar nog weinig voorstelde. Hij wist iets anders: hij belde de familie Kasselmann.’

 Annemiek in de vrachtwagen in de periode in Duitsland

‘Incredible hup weer mee naar Hagen, kon ik net iets makkelijker naar mijn ouders, broers en naar mijn vrienden. Was ook wel bikkelen hoor, stallen doen, minimaal tien paarden per dag rijden, geen groom en paarden voorrijden voor klanten. We hadden ook avonddiensten, dat was voor iedereen gelijk. Ik had heel leuke collega’s, uit heel Europa. En met avonddiensten: als de dierenarts die avond kwam, moest jij erbij zijn, als er klanten kwamen, moesten de paarden voorgereden worden etc.’

 De winst in Hagen met Incredible leverde mooie publiciteit op

‘Op een gegeven moment belde de cheffin, mevrouw Kasselmann: de chef moest opgehaald worden, hij had een feestje gehad. Ik vond het mega interessant wat die man deed: de grootste veiling ter wereld organiseren, een prachtig concours in Hagen, hij gaf trainingen en was natuurlijk handelaar. Ik heb hem opgehaald en in de auto kom je dan aan het praten. Ik heb veel gevraagd en toen vroeg hij: wat wil jíj eigenlijk? Nou, meer internationaal, heb ik gezegd. Twee dagen later ging de telefoon: ik moest bij de chef komen. Hast du dein Pass dabei? We gaan een visum aanvragen, je gaat drie weken training geven in China. Jeetje, hoe cool…hard werken en mijn best doen, daar heb ik wel wat voor teruggekregen.’

Annemiek reed daarna nog even hengsten als Johnson en Scandic voor de eigenaren Nijhof en Greve en liep toen Gerda Verhaar Eeuwijk tegen het lijf: ‘Op de Hippiade was dat. Jij hebt toch de diploma Officemanagement behaald? Kom eens op de koffie. Lang verhaal kort: ik heb 11 jaar gewerkt bij haar headhuntersbureau, tot ze overleed. Zij doorzag het snel, met haar mega-netwerk. Ze zei altijd: netwerken is net werken, ik dacht oh, komt ze weer met die zin. Maar nu ze overleden is: ja, het is echt zo. Ze was heel sterk voor diversiteit. Vroeger dacht ik: moet daar nou zo zwaar over gesproken worden? Maar bij haar ben ik daar op een andere manier naar gaan kijken, überhaupt naar gelijkheid. We hebben samen een coöperatie van vrouwelijke ondernemers opgericht, een heel andere wereld, een heel ander netwerk. Met die coöperatie hadden we ook een doel: voor elkaar omzet genereren. In mijn eigen kennissenkring ben ik ook mensen gaan stimuleren in het ondernemen door vrouwen. Durf je eigen ding te doen!’

 Gerda Verhaar Eeuwijk

 ‘Het was een pittige periode. Op 8 januari 2018 overleed ze, twee weken later kreeg ik mijn ontslag, omdat de familie het bedrijf niet door wilde zetten. Dat was een harde klap. Ik heb het bedrijf in twee weken ontmanteld, eigenlijk moest ik mezelf opruimen. Ik heb heel even gedacht om het over te nemen, maar het was toch uiteindelijk niet zo mijn ding. Een paar jaar daarvoor had EQ International mij al gevraagd om mee te werken bij het sportsecretariaat van het NK dressuur op Marienwaerdt, daar voelde ik me als een vis in het water: ik ken de sport, heb een netwerk en ik weet wat ruiters fijn vinden. Via Tineke Bartels kwam ik ook bij het CHIO Rotterdam binnen. Ik heb ook voor evenementen sponsorwerving gedaan, de hele opzet van kleinere evenementen, sportsecretariaten springen en dressuur, toen ben ik toch maar mijn bedrijf begonnen, In Vorm, in 2012.’

‘Op de dag dat Gerda overleed, had ik met Fred Rozendaal destijds directeur van CHIO Rotterdam een afspraak staan. Dat werd natuurlijk uitgesteld, maar een paar maanden daarna vroeg hij me of ik zijn managementassistent wilde worden voor het EK dressuur. Ik moest heel veel met de FEI samenwerken, ook met de FEI-sponsors, ik denk dat naast mijn werkzaamheden als FEI vertegenwoordiger tijdens Nations Cups voor de jeugd, daar het idee is ontstaan dat ik iets met Tokyo zou kunnen doen. Ik weet nog goed dat ik mijn spam-mapje aan het leegmaken was: delete, delete, delete, ik dacht: huh? Wat verwijder ik nou net? Dat was dus een bericht uit Japan: of ik volgende maand naar Tokyo wilde komen. Maar we hadden dan het EK, en afspraak is afspraak. Ik heb een paar maanden lopen twijfelen, omdat ze wilden dat ik full time naar Tokyo kwam, maar ik heb thuis met mijn partner, ouders en naasten goed overlegd, in oktober 2019 heb ik het contract getekend, in november ben ik er naartoe gevlogen.’

Als FEI representative actief bij de Jumping Batiosn Cup Youth in Samorin.

‘En begin van dit jaar ging de zaak op slot, ik kan echt niet wachten om weer te gaan. De afgelopen weken waren de Japanse kampioenschappen op die plaats, ik hoop dat we in januari weer mogen vliegen, maar ik vrees het. We werken hard door met ons sportteam in Tokyo, maar fysiek werkt toch wel fijner, met het tijdsverschil schiet het digitale werken ook niet altijd op. Ik kijk er enorm naar uit, maar vind thuis en iets anders ook wel belangrijk. Mijn partner is security manager bij een groot transportbedrijf. Totaal iets anders dan met paarden, dat mag voor mij niet iets met oogkleppen worden. We wonen in Steenbergen, vlak bij m’n ouders die allebei gelukkig gezond en positief zijn. En m’n twee broers hebben wel paarden, maar hebben totaal ander werk.’

Annemiek van der Vorm kijkt op een manier naar de paardenwereld die hard werken en aanpakken verraadt. ‘Ik ging ook gewoon met ons trailertje naar de concoursen hoor. Maar het lijkt wel of het steeds sneller moet, steeds internationaler, met veel glitters. Wat dat betreft maak ik me wel een beetje zorgen over de toekomst van de sport. We moeten onze jeugd goed steunen en zichtbaarder worden met onze topsport en het paardenwelzijn. We doen het erg goed, we mogen dat best laten zien, het mooie en emotionele is dat we het samen met de paarden doen. Wat betreft het welzijn, dat blijft toch heel dichtbij. De anti-groepen vinden het nooit genoeg.’

Evenementen zijn er even niet, maar stilzitten is er niet bij: ‘Ik geef nog les en ik ben nu bestuurslid bij de Equestrian Organisers, dat vind ik ook leuk. Het gaat bijvoorbeeld over prijzengeld, afdrachten, de klasse-indeling, formats etc.  Via Peter Bollen van de Jumping Committee van de FEI ben ik FEI vertegenwoordiger geweest tijdens FEI Jumping Nations Cup Youth op internationale concoursen in heel Europa, ook heel erg leuk om te doen. Tja, dan kom je toch weer bij die uitspraak van Gerda Verhaar Eeuwijk he, netwerken is net werken.’

 

 

 

© Nieuws.Horse 2018 | powered by Olland.biz