“Achteraf bekeken had ik niet verwacht dat ik de capaciteiten had voor wat ik nu doe,” vertelt Arjan van Gorp, ondernemer in de paardenwereld. Hij ontwikkelde zich toch tot een zelfverzekerde specialist in ruwvoer, krachtvoer en supplementen, die heel wat paardenbedrijven bezoekt. “De sport wordt in alle opzichten professioneler. Tegenwoordig zie je steeds vaker dat ook op voergebied cijfermatig onderbouwd moet worden of iets klopt.”

Arjan van Gorp wist niet wat hij wilde worden toen hij van de middelbare agrarische school kwam. “Ja, iets in de agrarische sector, dat wist ik wel. Paarden en koeien, dat heeft me altijd getrokken. Ik had twee omes Ad: een Van Gorp in mijn dorp Reusel, die had een boerderij met koeien. En ik had ome Ad Geurts in Beers, die had paarden. In de vakantie ging ik altijd naar één van de twee, naar twee soorten dieren, die interesse en passie voor paarden en koeien is er altijd gebleven.”

De jonge Arjan van Gorp op vakantie bij ome Ad Geurts in Beers

Vader Van Gorp was de tweede zoon op de boerderij in Reusel. “Hij werd geen boer maar heeft wel een stuk grond van de boerderij van mijn opa kunnen kopen. Die wei heb ik weer van hem over genomen en daar maak ik nou dankbaar gebruik van, ik heb er vier Belgische witblauwe lopen, dikbil-koeien, samen met een verzorgpony voor m’n dochter. Mijn vader had Shetlanders, en een Haflinger, maar hij werd relatief jong ziek. Hij heeft me nooit fysiek kunnen helpen, dat kon hij niet. Wat zou het mooi zijn geweest als we dat meer samen hadden kunnen doen. Toen Yvonne en ik trouwden, had ons pa een Haflinger. Met de hulp van Ad Geurts hebben we ‘m betuigd, en kon ons pa nog mee op de sjees. Dat waren mooie momenten om op terug te kijken!”

Zoals het vaker gaat, kwam ook Arjan van Gorp bij toeval in een sector terecht: “Ik heb de HAS in Den Bosch niet afgemaakt. Ik heb er drie jaar gezeten, heel gezellig, maar op een gegeven moment waren mijn punten niet toereikend, om het zo maar te zeggen. Ik heb er wel veel van geleerd. Daarna heb in anderhalf jaar de MAS in Boxtel gedaan, tja, ik had zoveel uren op de HAS rondgesjouwd….” Voor zijn stage kwam hij terecht bij De Dommelsche Watermolen, een familiebedrijf in diervoeders. Het werd ook zijn eerste werkgever: “Het was goed bevallen en het begon steeds interessanter te worden. Toeval, want ik wist echt niet wat ik wilde worden. Ja, iets in de agrarische sector. Daar kwam bij dat ik toen nogal twijfelde over mijn kunnen. Ik vond van mezelf dat ik niet geschikt was voor een baan als vertegenwoordiger of verkoper.”

“Ik ben er overheen gekomen, ik denk omdat ik de kans heb gehad bij De Dommelsche Watermolen om heel langzaam te kunnen groeien. Ik ben in de winkel begonnen, kleinschalig, waar de mensen voor iets kleins naar je toe kwamen. Toen op de vrachtwagen, voer rondbrengen, wel naar mensen toe (weliswaar op bestelling), maar om de klanten te binden. En via-via kom je dan ook bij nieuwe klanten, wat ze dan prospects noemen. Da’s wéér een stapje verder. Het bedrijf groeide, ik ben er bedrijfsleider geworden, maar na 17 jaar kon ik toch niet verder, er stond een muur waar ik niet overheen kwam.”

“Weet je, op het moment dat je die stap uitspreekt, komen er mensen toch naar je toe, da’s mooi om mee te maken. Ik ben aan de slag gegaan bij Teurlings in Casteren, een klein familiebedrijf in diervoeding met een winkel, ben ik gaan werken voor de verkoop en ook om de zaak organisatorisch te versterken. In de praktijk was het toch veel zakken voer rondbrengen, maar waarvoor ik aangenomen was, kwam er niet uit. Een super familiebedrijf, ik heb er met heel veel plezier drie jaar gewerkt maar in die periode is het bij mij ook naar boven komen borrelen: ik heb nu bijna twintig jaar gewerkt alsof je het voor jezelf doet maar er is niks van jezelf bij….”

Kuilmonsters nemen

Arjan ontmoette in zijn zoektocht in 2016 op z’n 41e Mirjam Bierings, van springpaarden op hoger niveau als Ffw88 (nu Forever SFN), Gogo en Hoeheetie: “Zij vond dat ik het voor mezelf moest gaan doen. Ze deed vooral het supplementenmerk Foran, maar ze had ook Horsemaster, het Franse supplementen- en verzorgingsartikelenmerk. Ze deed er weinig mee en ik kon bij haar inkopen, dus ik hoefde haar niet voorbij te lopen. Ik werkte nog bij Teurlings toen ik in Asten op concours Pieter Schouten tegenkwam. Die vroeg hoe het met me ging, maar op zo’n manier dat ik daar eerlijk antwoord op moest geven. Normaal zeg je snel: goed! Maar ik heb eerlijk geantwoord dat ik het had gehad met het gesjouw met de zakken. Het waren fijne mensen bij Teurlings maar ik kwam er geen streep vooruit. Altijd stond de koffie klaar, tussen de middag hamburgers of eitjes, ik werd in de familie opgenomen. Maar ik was het gesjouw beu. Pieter snapte dat, zei niet zoveel, behalve: ik weet wel een bedrijf dat iemand zoals jou kan gebruiken. Dat was vrijdagavond, op zaterdagochtend heb ik Van den Eerenbeemt van het grote fouragebedrijf gesproken: twee weken later was het beklonken, voor vier dagen in de week.”

Dat bood de ruimte om in 2016 voorzichtig voor zichzelf te beginnen, onder de naam Balance4Animals: “Met supplementen van Horsemaster, Finecto en Agri Nutrition, gefermenteerde gisten. Heel moeilijk om zoiets op te bouwen, heb ik gemerkt. Ik deed het parttime, heb een gezin met drie kinderen, nu van 13, 11 en 10, mijn vrouw Yvonne bouwde in dezelfde tijd een eigen acupunctuur-praktijk op: dan is een jaar zo voorbij. De ontwikkeling ging naar mijn idee te langzaam en eind 2018 heb ik gedacht: wat kan ik nou doen om naast de handel toch een verdienmodelletje te hebben om de groei te kunnen financieren. Vanuit de vraag: wat vond ík nou belangrijk dat mensen zouden moeten weten.”

“Ik kwam uit bij ruwvoerkwaliteit, waterkwaliteit, grondkwaliteit en bewustzijn. Waarom wel 3 kilo krachtvoer en geen 2? Mensen weten dat gewoon niet. Ik ben naar het bureau Van de Meerakker gegaan en samen hebben we de paardenanalyse opgezet, de rundvee-analyse hadden ze al. Over de energiewaarde van het paard, het getal dat aangeeft hoeveel energie in het voedingsmiddel zit, in krachtvoer, in ruwvoer. Dat van krachtvoer staat vast, van ruwvoer weet je dat vaak niet. En eigenlijk moet je weten wat je aan ruwvoer geeft om het totale plaatje rond te krijgen. Ik weet vanuit de fouragehandel dat er vaak partijen gras of voordroogpakken worden aangeboden waarvan niet bekend is wat er aan waarde in zit. Als paardenhouders dat zouden voeren, zouden er problemen uit voort kunnen komen: te nat, teveel of juist te weinig energie, suikergehalte te hoog wat bij voorbeeld hoefbevangenheid kan veroorzaken. Ik ben er nou op maandag en zaterdag mee bezig en inmiddels bedien ik ook rundveebedrijven. De analyses vormen eigenlijk de olie van mijn bedrijf omdat het daardoor makkelijker wordt om supplementen te verkopen.”

Supplementen hebben voor veel mensen een lichtelijk vaag imago: ”Klopt, dat is het beeld enigszins. Maar weet je wat erbij komt kijken als je diervoeders en wat ze noemen aanvullende diervoerders wilt verkopen? Registratie bij de NVWA, GMP, Haccp, ingrediënten afkomstig van gecertificeerde bedrijven. En je mag geen claims gebruiken: je mag niet zomaar zeggen dat iets gaat helpen. Ik werk het liefste van persoon tot persoon, zodat ik het zelf uit kan leggen. Het nadeel is natuurlijk dat het tijdrovend is. Ik heb mijn assortiment bewust smaller gehouden, min of meer als verlengstuk van de ruwvoeranalyses. Op mineralen en spoorelementen kun je dan het beste sturen. Ik was laatst bij een klant, die zei: Arjan, er is zoveel te koop, en er wordt zoveel gezegd wat we moeten voeren. Er komen hier allerlei mensen achterom die brokken willen verkopen, het ene verhaal is nog beter dan het andere. Het geloof is een beetje weg: mensen nemen niet meer zo makkelijk klakkeloos over wat de fabrikant zegt wat ze moeten doen.”

“Op alle gebieden wordt de paardensport professioneler, daar hoort ook een eerlijk, onafhankelijk advies bij van iemand die geen belang heeft bij de verkoop van krachtvoer. Het lijkt me ook mooi om dat te ontwikkelen. Je ziet steeds meer dat professionele stallen steeds beter weten waar ze mee bezig zijn op dat gebied. Ze werken met een rantsoenberekeningsprogramma, waarmee ze heel goed kunnen sturen op het krachtvoer dat ze geven. En daarmee kan dan ook cijfermatig onderbouwd worden dat iets klopt of juist niet. Want dat zal toch de toekomst zijn in een wereld waarin steeds meer vastgelegd moet worden.”

© Nieuws.Horse 2018 | powered by Olland.biz